airAls we tegenwoordig op vakantie gaan, boeken we vanzelfsprekend geen fantasieloze hotelkamer bij zo’n anonieme keten. Nee, nee, we willen slapen in het net iets te kleine bed van de local zelf en gebruiken de volgende ochtend een streekgebonden ontbijt, met liefde bereid door de hartelijke doch zwijgzame oma van onze gastheer.

Airbnb dus.

Zelfverloochening natuurlijk. We weten heus wel dat de colour locale op advies van Airbnb al lang is ingeruild voor wat wij als huurders fijn – want herkenbaar – vinden. En teleurgesteld raken we ook niet meer wanneer de buren geen inheemse bewoners blijken, maar stinkende backpackers links en een muizig stelletje uit Haarlem rechts.

Maar wat we nog wél hebben, is rechtstreeks contact met verhuurder zelf. En tussen ons is het goed.

Huurders zijn dol op ons. We zijn communicatief, proper en, als we de reviews mogen geloven, in het bezit van voorbeeldige kinderen. Voor het tanden poetsen dus nog even snel die frisse zolderetage boeken bij dat charmante Franse echtpaar.

Airbnb komt tussenbeide. Of ik me wel realiseer dat vertrouwen de kurk is waar de Airbnb community op drijft. En dat er dus geen enkele twijfel mag zijn dat iedereen is wie hij zegt dat hij is. Klinkt logisch. Ik zou het als verhuurder ook niet fijn vinden als die vogelspotter in Gaastra-jas bij aankomst een vrijgezellenweekend van een stel voetbalvrienden blijkt te zijn.

Onze puike track record als huurders is niet afdoende. Of ik even voor de camera van mijn computer wil gaan zitten met mijn paspoort in mijn hand.

Sorry?

Je wilt naar bed, je wilt die zolderetage. Privacyprincipes komen de volgende keer wel.

Bijna klaar hoor! Alleen nog even een koppelingetje maken met je Linkedin-profiel. Zodat iedereen echt zeker weet dat je echt, echt bent wie je zegt dat je bent.

Je wilt vooral echt graag naar bed. En als je dan toch al A hebt gezegd…

Eenmaal in bed verlang ik terug naar de momenten van aarzeling achter de computer. Zoveel blootgegeven voor een zolder in een voorstad van Parijs. De zelfverwijten stapelen zich op. Vies en voos voel ik me, alsof ik me heb laten verleiden tot webcamsex met een dikke Duitser.

In het donker vraag ik me af waar het wringt. Heeft Airbnb niet gewoon groot gelijk? Is volledige openheid niet de basis van vertrouwen?

Een paar weken later schijnt Byung-Chul Han licht op de kwestie. De Koreaanse-Duitse filosoof maakt korte metten met het door Airbnb gesloten huwelijk tussen transparantie en vertrouwen (p.105): “Vertrouwen betekent: ondanks het niet-weten omtrent de ander niettemin een positieve relatie met hem opbouwen. Dat maakt handelen mogelijk ondanks het ontbrekende weten. Als ik van tevoren alles al weet, is vertrouwen overbodig.”

Met zo’n kijk op vertrouwen, word je vast niet benaderd voor een leuke functie bij Airbnb. Het omarmen van het niet-weten, de onbekende ander welwillend tegemoet treden, daar valt geen droog brood mee te verdienen. Met de gegevens die we massaal doneren in het kader van transparantie des te meer. Fraai business model, daar niet van, maar misschien zou Airbnb zelf ook ook wat openhartiger kunnen zijn. Geen holle braafpraat over de kracht van communties, maar gewoon als key corporate value: “Vertrouwen is goed, je scheel verdienen aan andermans vertrouwen beter”.