Onlangs schreef Jacco een (ironische) blog waarin hij reflecteert op muzikale vorming. Het zette mij aan het denken; zou een lector (of iemand in een vergelijkbare positie) in 1950 ook hebben kunnen schrijven naar een black metal band te luisteren? Nu bestond dat genre natuurlijk nog niet, maar het kaart een opmerkelijke en interessante ontwikkeling aan; een verschuiving in het maatschappelijke begrip over ‘hoge’ en ‘lage’ cultuur en smaakvorming.

Als literatuurwetenschapper begeef ik mij vaak in kringen waar dit onderscheid streng wordt bevochten. Immers, veel, zo niet alle, literatuur kan interessant zijn mits men de juiste leeshouding aanneemt. Hoewel ik het daarmee eens ben, denk ik dat het onderscheid tussen hoge en lage cultuur nog steeds bestaat in de maatschappelijke waarneming, maar dat het, in de ca. afgelopen 60 jaar, wel een andere vorm heeft aangenomen.
Smaak is nauw verbonden met onze identiteit. Wanneer wij een kunstwerk mooi of lelijk vinden, zegt dat iets over wie wij zijn, zowel voor onszelf als anderen. Daarom hechten velen er belang aan de ‘juiste’ kunst te waarderen. Dit was zo’n 250 jaar geleden het geval, en is nu nog steeds het geval. Die waardering staat in verband met ons vermogen om iets te waarderen. Kennis over kunst en training en oefening in luisteren, kijken en lezen kunnen dat vermogen tot waardering vergroten.

Zo kunnen tekenfilms grappen bevatten die (wellicht) voor de meeste kinderen niet te vatten zijn. Dit fenomeen heeft, ondanks de relatief jonge leeftijd van het genre, al een aparte zender voortgebracht met animatie series voor volwassenen. Veel kunst vandaag de dag lijkt daardoor steeds eclectischer. Desondanks kan kunst ook nog steeds beledigen, zoals het dat 250 jaar geleden ook al kon, toen kunst ook al gecensureerd werd.

Untitled
Maar als het vermogen tot waardering en de politieke dimensie van kunst nog steeds bestaan, wat is er dan wel veranderd? Een belangrijke ontwikkeling is volgens mij dat het eclecticisme niet alleen in de kunst te vinden is, maar ook steeds meer in toenemende mate in ons als publiek. Het is maar zelden dat ik nog iemand tegenkom die zegt van één genre film, muziek, literatuur te houden. Met het steeds harder groeiende aanbod gaat het denk ik voor velen in toenemende mate welke specifieke films, artiesten en boeken je bekijkt, luistert en leest in die genres. Je houdt niet van hip-hop, maar van Kendrick Lamarniet van fictie maar van A Little Life, je kijkt geen televisieseries, maar Masters of Sex etc.

Dit alles roept ook een management vraagstuk op. Want niet alleen het aanbod van series, boeken en muziek neemt in sterke mate toe, ook sites en andere plaatsen waar die media worden beoordeeld nemen toe. Jacco verwees al naar Pitchfork, maar zo is er ook Goodreads, IMDB en Rotten Tomatoes om je te vertellen wat je wel en niet moet kijken en luisteren, naast vrienden, familie en collega’s natuurlijk. Dit alles moet je verwerken en vervolgens ook nog eens beslissen wat je dan daadwerkelijk gaat bekijken, lezen etc. Smaakvorming wordt in toenemende mate een onderneming op zichzelf.

Daarnaast bieden deze en andere diensten zoals Netflix en Spotify ook nog eens aanbevelingen aan op basis van je eerdere kijk-, luister- en leeskeuzes. Het idee van de Filter Bubble gaat dus ook steeds meer op voor welke kunst we tot ons nemen. Het medicijn? Misschien zo nu en dan toch maar een titel aanschaffen omdat die cover er intrigerend uitziet. Je weet immers nooit wat je er tegen kunt komen, en ook dát is het spannende van kunst.