De clichés voorbij CFT

Hoe kunnen we het echte nadenken vormgeven in het onderwijs en in organisaties?

Inleiding

Zoals beloofd een vervolg op mijn eerste blog over Cliché en organisaties. Deed ik in dat blog een aantal confessies, in dit blog sluit ik aan bij de vraag die ik aan het einde van het eerste blog heb gesteld en die boven aan dit blog nog eens is gesteld. Echt nadenken, bezinnend nadenken. Kunnen we het nog?

Hoger (bedrijfseconomisch) beroepsonderwijs

Ook in het hoger (bedrijfseconomisch) beroepsonderwijs zie ik clichés. Bijvoorbeeld in de vorm van het op een aangeleerde manier oplossen van opgaven, het toepassen van modellen en de boeken waarin die stof wordt aangereikt. De vraag is of de student daarmee over de skills gaat beschikken om te functioneren in de beroepspraktijk.

Ons economisch onderwijs is wellicht nog teveel gebaseerd op de traditionele economie en de bijbehorende clichés, zoals de rationeel handelende mens en het beschikken over volledige informatie, maar ook het formuleren van missie, visie en doelen. Het leven is niet zo maakbaar, dat als je doelen hebt gesteld het dan wel goed komt.

In de praktijk is bovendien wel het een en ander veranderd ten opzichte van 20 a 30 jaar geleden. Als je in de jaren 80/90 niet zo goed was in talen en niet hield van presenteren, maar vooral goed was in cijfers en boekhouden, dan ging je SPD (Staatspraktijkdiploma Bedrijfsadministratie) of HEAO doen. Tegenwoordig moet de student Bedrijfseconomie over een breder repertoire beschikken. Hij moet kritisch kunnen (mee)denken, kunnen adviseren, cijfers op een begrijpelijke manier kunnen overbrengen en presenteren. Soft skills zijn belangrijker geworden.

Door de financiële debacles in de afgelopen decennia is er onrust en een gebrek aan vertrouwen ontstaan. Men kwam tot inzicht dat de toename van het aantal regels niet alléén kan zorgen voor het positief beïnvloeden van gedrag, zodat doelen werden behaald. De ‘zachte’ kant van een organisatie, die in verband wordt gebracht met zogenaamde soft controls, speelt ook een belangrijke rol. Bijvoorbeeld het goede voorbeeld geven door het management, of te wel tone at the top (Joode & Grinsven, 2014). LeadershipOmdat mensen snel geneigd zijn om de knop van de regels wat aan te draaien, vergt het inzetten van soft controls ook een andere mindset.

De vraag rijst dan ook hoe je studenten kunt aanleren kritisch te denken. Niet alleen in vakken als onderzoeksvaardigheden, maar ook bij alle andere vakken (zoals Cost Accounting, Externe Verslaggeving, Bedrijfsadministratie en Recht). Kritisch denken begint bij het doorzien van clichés en het ontdekken van alternatieven. Bij clichés weten we vanuit een handelingsrepertoire welke actie past bij een bepaalde waarneming, wat denken overbodig maakt.

In een in januari geplaatste vacature voor unitmanager Concerncontrol van De Haagse Hogeschool staat het volgende: Het accent ligt minder op harde controls; de cijfers en regels en meer op soft controls; inspiratie en het goede gesprek.

Dat lijkt mij al een stap in de goede richting van het doorbreken van clichés! Haagse Hogeschool, chapeau!

Doorbreken cliché

We moeten soms accepteren dat we ons standaard handelingsrepertoire niet meer kunnen gebruiken. Denk hierbij aan de (kwalijke) handelingen in de financiële wereld, die door menigeen in die wereld als normaal werd beschouwd.

Clichés of gewoonten kunnen worden ontdekt met behulp van kwalitatief onderzoek en in kaart worden gebracht met behulp van scripts (Joode, 2010). Scripts maken onderdeel uit van een film, maar ook van games. Het script is wellicht een vehikel in onderzoek om Critical Financial Thinking een boost te geven. Aan de ene kant is er behoefte aan een script, aan de andere kant is het nodig om mensen meer te laten denken.

Mensen moeten naar mijn idee zich eerst bewust worden van de clichés die zich binnen een organisatie afspelen, voordat zij een stap verder kunnen zetten en mogelijkheden zien om op andere manieren te handelen. Dus de clichés zullen eerst in beeld moeten worden gebracht (Peters, 2014). Daarna kan het cliché, indien noodzakelijk, doorbroken worden. Want Vaste waarden blijven van belang of, zoals Zayani (2000) betoogt: ‘Zonder minimale voorspelbaarheid van terugkerende (en dus regulerende) ervaringen, zou niemand van ons de moed hebben om de dag te beginnen’ (Peters, 2014, p112/113). Het cliché kan doorbroken worden door gebruik te maken van film.

Ons oog ziet namelijk niet hetzelfde als het oog van de camera. Het kan leiden tot de zogenaamde ‘shock to thought’. Daarnaast kan dialoogvorming en het switchen van verschillende rollen van belang zijn (Peters, 2014). Het zoeken naar nieuwe of andere beelden van organisaties kan ook helpen om de clichés te doorbreken. Een beeld dat je niet zo veel tegenkomt is het beeld van de organisatie als theater (Joode, 2014). Toch is het al behoorlijk oud, omdat het uit een boek komt van de Canadese socioloog Goffman (1959). Het script concept opereert namelijk op basis van de metafoor ‘organisatie als theater’ (zie voor een verdere uitwerking http://dspace.ou.nl/bitstream/1820/3627/1/MWTdeJoodedecember2010.pdf).

Ik sluit af met een laatste citaat van Peters (2014):

We moeten het cliché doorbreken. We zijn denkende wezens en we moeten het denkvermogen weer leren gebruiken (Peters, 2014, p. 105).

Als u tips hebt, laat het mij weten!

 

Bronnen:

Goffman, E. (1959). The presentation of self in everyday life. New York: Bantam Doubleday Dell Publishing Group Inc.

Joode, T. de. (2010). Gedragspatronen van academiedirecteuren bij het opstellen van de begroting (doctoraalscriptie).

Joode, T. de & Grinsven, J.H.M. van (2014). Verbeteren van operationeel risicomanagement. In Applied Research Today (ART), Economie, leiderschap en onderschap (pp. 123-135). Den Haag: Centrum voor Lectoraten en Onderzoek van De Haagse Hogeschool.

Peters, L. (2014). Cliché & Organisatie. Denken met Deleuze en film. Utrecht : Uitgeverij IJzer.