Belofte maakt schuld: in oktober meldde ik blogs te zullen schrijven over professionals governance, kwaliteitscultuur en vertrouwen in relatie tot  professionele ruimte. De onderwerpen zijn echter onlosmakelijk met elkaar verbonden, dus 1 blog.

Professionele ruimte heeft betrekking op de mate van zeggenschap over de didactische en pedagogische aspecten van het onderwijs (beleid en uitvoering) en op de eigen professionalisering. Het is tevens een begrip dat op veel verschillende manieren te interpreteren is, lees de blogs van de Onderwijscoöperatie er maar na, en er niet zelden toe leidt dat onderwijsleiders en/of managers en docenten tegenover elkaar komen te staan: “Ik geef veel ruimte, misschien wel te veel, waardoor het proces vertraagt” (de leider) en “Ik heb meer ruimte nodig in plaats van control” (de docent), terwijl beiden oprecht streven naar kwaliteit.

Het advies dat de Onderwijsraad dit najaar presenteerde over professionele ruimte kan helpen om dergelijke impasses te doorbreken of zelfs te voorkomen. Het bevat aanbevelingen om de professionele ruimte van leraren optimaal te kunnen creëren, te benutten en te verantwoorden steeds met het doel de onderwijskwaliteit te vergroten. De Onderwijsraad pleit voor een integraal perspectief op beleidsvorming en de implementatie daarvan en introduceert daarvoor het concept handelingsvermogen.

Handelingsvermogen ontstaat wanneer er naast de versterking van individuele kennis en vaardigheden van een afzonderlijke docent ook meer aandacht is voor de condities waaronder docenten werken, met name structuur en cultuur. Wanneer de dimensies competenties, structuur en cultuur meer op elkaar zijn afgestemd, dus in teamverband, neemt het handelingsvermogen toe. Een aanbeveling van de Onderwijsraad luidt dan ook:

Versterk de competenties van de docent vanuit de kracht van het team.

terwijl de tweede aanbeveling betrekking heeft op het ‘hoe’:

Kies professional governance als uitgangspunt voor structuur en cultuur.

Professional governance stelt de docent en het team centraal. De HAN gaat nog een stapje verder en gebruikt de term -vanwege het teambelang- uitsluitend nog in meervoud: professionals governance. Er is zeker een actieve, professioneel verantwoordelijke houding in meervoud nodig, namelijk van  directeuren, teamleiders, docenten en teams in een gemeenschappelijke verkenning van mogelijkheden om het handelingsvermogen te versterken en te realiseren. Handelingsvermogen kun je namelijk niet “regelen”, wél gezamenlijk vertalen in de context.

Betekenis geven aan handelingsvermogen vereist daarom een dialoog tussen docenten onderling én met leidinggevenden in het team: het gesprek met in plaats van over elkaar. Dan begint het delen van aspiraties en de oriëntatie op gezamenlijke doelen en waarden. Vervolgens zal dat leiden tot een toename in onderling vertrouwen én bijdragen aan een kwaliteitscultuur.

Durf elkaar daarom aan te spreken en aansprekend te zijn, wees daarom geen soloprofessional maar een netwerkprofessional binnen je team!