Een vraag die me de komende tijd bezig zal houden is wat organisaties van sport(en) kunnen leren De fascinatie voor sport en organisaties heeft me deze vraag doen stellen. Een andere reden is dat ideeën vanuit het eigen domein vaak veranderingen in de marge met zich mee brengen in plaats van echt nieuwe, creatieve inzichten. Daarom moeten de organisatiewetenschappen de verrijking juist zoeken buiten het eigen domein. Wat organisaties van sport kunnen leren wordt treffend geïllustreerd door de film Moneyball.

Deze film is gebaseerd op het gelijknamige boek, dat weer gebaseerd is op het waargebeurde seizoen uit 2002 van het honkbalteam The Oackland Athletics. De film met Brad Pitt in de hoofdrol toont de strijd tussen het weinig vermogende Athletics en de vermogende teams zoals Boston Red Sox, New York Yankees etc. In een sport waarin geld een enorm belangrijke rol speelt omdat de rijke teams in staat zijn om grote spelers te contracteren, hebben de kleine teams het lastig. De voetbal liefhebbende Nederlander herkent dit direct. Al sinds 1995 smachten we naar Nederlands succes in de Champions League. Met vaak Ajax in de hoofdrol nemen we genoegen met overwinteren in de Champions League. Al snel komen we tot de conclusie dat door een gebrek aan financiële middelen de concurrentie aangaan met de grote teams onmogelijk maakt. Zij kunnen namelijk de beste spelers contracteren en wegkopen bij de kleinere teams. De cruciale vraag is: zijn kleine organisaties echt niet in staat om de concurrentie aan te gaan?

De boodschap in de film Moneyball is simpel: pak het anders aan dan de concurrentie! Daar waar grote teams zich focussen op het aantrekken van sterspelers, daar introduceert The Oackland Athletics een geheel nieuwe strategie: het aantrekken van spelers op basis van statistische analyses. De nieuwe manager Billy Beane heeft het lef en de creativiteit om een econometrist uit te roepen tot zijn belangrijkste adviseur en de scouts aan de kant te schuiven. Met de statistische modellen van de econometrist hebben The Athletics een enorm succesvol seizoen. Een nieuwe revolutie lijkt geboren. Vandaag de dag zijn statistische modellen namelijk niet weg te denken uit de honkbalsport.

Maar niet iedere verandering is een échte verandering. Een echte verandering vergt creativiteit en denkpatronen buiten de kaders van het systeem waarbinnen de organisatie zich bevindt. De parallel kan getrokken worden met de politiek. Slavoj Žižek claimt dat we leven in een tijd van ideologische dakloosheid. Het kapitalisme is een zodanige vanzelfsprekendheid geworden waardoor we niet in staat zijn om buiten de kaders van het eigen systeem te denken. Met andere woorden, het systeem verlamt ons politieke denken. Toch is het mijns inziens mogelijk zolang we ons maar blijven verrijken met ideeën uit andere ‘werelden’. Durf je organisatie te verrijken met ideeën buiten het eigen systeem. Nodig muzikanten, sporters, politici of kunstenaars uit en kijk eens wat zij kunnen betekenen voor de organisatiewetenschappen en dus voor jouw organisatie!

Voor Ajax betekent dat dus niet het vasthouden aan de ‘Nederlandse school’, het aannemen van Italiaans verdedigen of het blind investeren in de jeugd. Het betekent iets anders, iets van buiten het voetbalsysteem.