Volgens NRC Handelsblad was post-truth het woord van het afgelopen jaar. Dacht het niet, dacht Van Dale, en publiceerde een lijst van alternatieve woorden (meervoud) van het jaar. Kiest u maar. Waarmee het gelijk van het NRC nog maar eens werd onderstreept en post-truth wel het woord van het jaar moest zijn: iedereen mag z’n eigen waarheid bij elkaar shoppen

Feiten spreken niet voor zichzelf. Nooit gedaan, maar dit zijn toch wel bijzondere tijden. Als de cijfers ons niet afkleden, worden er gewoon nieuwe besteld en sturen we oude met een hoop kabaal retour naar de huichelpers en experts.

Wanneer “objectieve feiten minder van invloed zijn op de vorming van de publieke opinie dan een beroep op emotie en persoonlijke overtuigingen”, dan is dat natuurlijk slecht nieuws voor de werknemers van de waarheidsindustrie, journalisten en wetenschappers in het bijzonder.

Xandra Schutte waarschuwt voor paniekvoetbal. Volgens de hoofdredacteur van De Groene Amsterdammer moet juist in tijden van gekte “iemand de volwassene in de kamer zijn”. Stand your ground, recht de rug en laat je eight_col_truth_colberttot niets anders verleiden dan “precieze en controleerbare onderzoekjournalistiek”, is haar advies.

Deze strategie van keep calm & keep producing facts is lovenswaardig, maar doet ook wat onmachtig aan: het medicijn slaan niet aan, laten we de dosis verhogen.

Maar wat is het alternatief? Hoe deze niet eens meer eens zo heel spreekwoordelijke oorlog te winnen?

Volgens Marc Oosterhout is er eigenlijk maar één waarheid waar we niet omheen kunnen: “mensen willen geen feiten en cijfers horen”. Emotie bestrijd je met emotie, stelt de reclameman. Kijk naar de Nederlandse Spoorwegen. Die snappen dat niemand warm of koud wordt van gortdroge stiptheidsstatistieken. Dat je reizigers moet verleiden met treinromantiek. Met een goed verhaal.

Een goed verhaal, zo weten we, laat zich niet kisten door feiten. Vraag is: is een goed verhaal daarom minder waarachtig?

Om nog iets te snappen van onze nieuwe wereld storten we ons volgens de BBC massaal op verhalen waarin de leugen regeert. Of, iets vriendelijker, op verhalen waarin de waarheid wordt gelogen. Op literatuur dus. De verkoopcijfers van dystopische klassiekers als 1984, Brave New World en Fahrenheit 451 gaan door de het plafond. Honderden en honderden pagina’s pure verzinsels. Gegarandeerd feitenvrije verhalen, maar met een ongekende zeggingskracht.

We lezen ze, herlezen ze, en we realiseren ons dat de “truthful hyperbole” (dictum Trump) ons meer vertelt over wat er aan de hand is dan feiten ooit zouden kunnen. Fictie als een “reminder of the truths under the surface” (die andere president), wat moeten we daar nou weer mee als kennisinstelling?